zondag 9 maart 2014

Dagtochtjes en nu aan het werk.

Vetplant op een tak van een boom.
De afgelopen dagen zijn we steeds op stap geweest. Vrijdag zijn we richting het oosten gegaan met Nuoro als verste punt. Deze stad kon ons niet bekoren. Er was weinig te bekennen mede doordat de winkels nog gesloten waren, maar ook geen gezellig cafeetje om iets te drinken. Daarvoor hadden we een heerlijke wandeling gemaakt in de boswachterij van Burgos. Een prachtig gebied met bossen, meertjes, weilanden, schapen en koeien. Er stonden veel bloemen in bloei, de bomen waren aan het uitlopen en overal liepen kleine stroompjes naar buizen onder het pad, die weer het water verder begeleidden naar meertjes. Water genoeg voor de komende droge periode. Op de weg er naar toe zagen we nog resten van sneeuw aan de zijkant van de weg en het was ook behoorlijk koud. Bij Burgos keken we naar de hoogste besneeuwde bergtoppen van Sardinië. Er zijn daar wat skimogelijkheden, maar die pret is vaak van korte duur, volgens de verhuurder van de auto.


Mossen op een stam.
Gisteren zijn we naar het zuiden gereden, naar Oristano. Weer een andere omgeving langs de kust, minder steile bergen en de omgeving van Oristano is vlak met grote en kleine binnenmeren en langs de kust ondiepe stukken water met eilanden. In de verte konden we flamingo’s zien die er veel voor komen. Op het schiereiland zijn de resten van een stad van de Phoeniciërs, genoemd Tharros, te zien. Er staan nog 2 zuilen overeind van het badhuis. De rest bestaat uit veel grote stenen, maar de structuur van de plaats is goed te zien. Het ligt heel strategisch voor de handel en zoals we later in het archeologisch museum van Oristano zagen was het een belangrijke handelsplaats in zijn tijd. Overigens was het museum een bezoek waard. Uit Tharros waren vele voorwerpen uitgestald, zowel in vitrines als gewoon in de ruimtes. Bijzonder was ook de ruimte speciaal voor blinden. Er waren replica’s gemaakt van verschillende soorten vazen, vormen van hout en steen, een kruis en ingegraveerde stenen die blinden konden voelen en zo een voorstelling maken hoe iets eruit kan zien. Dit ging gepaard met uitleg in brailleschrift. We hadden dit nog nooit ergens gezien.
Oristano is een gezellige plaats, er was genoeg volk op de been en in een heerlijke pastellaria thee met iets lekkers erbij. Het weer werkte ook mee, zon en niet zo koud. Oristano is bekend van zijn carnaval. Gemaskerde mannen in traditionele kostuums houden op paarden steek toernooien en er is een optocht. Helaas waren we te laat in Sardinië om dit mee te maken.
Vandaag hebben we de auto terug gebracht. Toen de bus niet op kwam dagen zijn we eens goed gaan kijken op de vertreklijst. Geen bussen op zondag in de wintertijd. Dus met een taxi terug naar Bosa en een uur kunnen converseren met een Italiaanse chauffeur. Vermoeiend, maar wel leuk want zij vertelde veel over de omgeving. We zagen ook nog een Vale gier, die in dit stuk van Sardinië voor komt.
Wilde crocus.
Voor ons gevoel hebben we nu een groot gedeelte van Sardinië rondom Bosa gezien. Het is mooi, afwisselend ruig en liefelijk, verlaten stukken, goede wegen en voor wie wil overnachten heel veel agriturismo’s. Het zuidelijk gedeelte gaan we ontdekken als we in het zuiden zijn met de boot.